Het DNA VAN LAC FRISIA 1883

L.A.C. Frisia 1883 | de oudste voetbalclub van Friesland

 

De Frisiaan is een bekend beeld in hartje Leeuwarden. Het bronzen beeld van een voetballend jochie prijkt trots op de brug bij de Nieuwestad, nabij het Klein Schavernek. Het prachtige object, ontworpen door Suze Boschma-Berkhout, is door L.A.C. Frisia aan de gemeente geschonken omwille het 100-jarig bestaan van de club. Een club die alles heeft. Van een klassiek shirt en een schitterend logo tot een rijke historie vol pieken en dalen.

 

Het eerdergenoemde 100-jarig bestaan viert de club in 1983 al, wat betekent dat de oprichting in 1883 was. Op 25 april 1883 welteverstaan, als Cricketclub Frisia. Het initiatief komt van de pas 13-jarige Pieter Albertus Vincent (‘Piet’) baron van Harinxma thoe Slooten. Een hele mond vol. Van Harinxma thoe Slooten zal later commissaris van de koningin in Friesland worden. Het elitaire tintje van zowel de oprichter als het karakter van de vereniging zal altijd blijven bestaan. Begin 1894 wordt er voor het eerst gevoetbald. Cricket & Football Club Frisia is geboren. Die naam houdt niet lang stand. De cricket-tak stopt in 1895 vanwege te weinig animo. Het voetbal blijft over, onder een nieuwe naam: Leeuwarden Athletische Club Frisia, ofwel L.A.C. Frisia. Het toevoegen van 1883 achter de clubnaam wordt overigens pas in 1921 beklonken. In de eerste noordelijke competitie wordt de strijd aangegaan met twee andere historische verenigingen, namelijk Be Quick 1887 en Achilles 1894.

 

Frisia is van oudsher een echte zondagsclub. Het tenue is in de loop der jaren aan enige verandering onderhevig. Het eerste tenue bestaat onder meer uit een witte trui met blauwgele sjerp. Een sjerp is een brede, gekleurde band die – als teken van waardigheid – over de schouder wordt gedragen. Ook hierin wordt een stukje status letterlijk meegedragen, iets wat tot op de dag van vandaag terugkomt in de volksmond. Het LAC wordt zowel in als buiten Leeuwarden nog met regelmaat omgezet in LAK. De club van de lakschoentjes. Of, op z’n Leeuwarders, ‘lakskuuntsjes’. De witte trui en blauwgele band worden in 1905 ingeruild voor een fraai wedstrijdshirt. Geel met enkele donkerblauwe banen, aangevuld met een zwarte broek en dito sokken. Frisia groeit in die jaren gestaag door. Het eerste speelveld in de wijk Achter de Hoven wordt verlaten voor een plek aan de Wilhelminabaan, waar de tribune in 1921 door een zware storm instort. In 1925 levert Frisia een topprestatie door kampioen van het noorden te worden én in de strijd om het landkampioenschap een punt te pakken tegen de latere winnaar HBS uit Den Haag. Kort daarna verkast de club van de Wilhelminabaan naar het nieuwe sportcomplex Cambuur.

 

Naarmate de jaren vorderen volgen successen elkaar op, waaronder drie titels op rij in 1942, 1943 en 1944. In 1968 staat de grote verhuizing voor de deur. Het Cambuur-terrein wordt verlaten voor een behoorlijke lap grond aan de Magere Weide, ten noordwesten van de stad. Sportief gezien gaat het slecht. In korte tijd degradeert het vlaggenschip van de tweede naar de vierde klasse. Het jojo-effect tussen de vierde en tweede klasse blijft tot en met 1998 aanhouden. Sindsdien is Frisia een stabiele tweedeklasser, met slechts eenmaal een terugval naar de derde klasse (seizoen 2007 / 2008) en maar liefst vijfmaal een knappe plek in de eerste klasse. Sinds de degradatie uit de eerste klasse in 2018 draait Frisia als tweedeklasser in de top mee. Verder is het complex steeds verder ontwikkeld. Denk aan een nieuwe tribune, extra kleedkamers, een moderner clubhuis en een kunstgrashoofdveld met verlichting. Sinds 2019 - het jaar waarin helaas enkele bestuurlijke strubbelingen naar voren zijn gekomen -  kent Frisia tevens een zaterdagtak, uitkomend in de 5de klasse. Hoogte- en dieptepunten. Veranderingen. De club maakt het mee. Maar is strijdbaar, zoals het aloude clublied al aangeeft:

‘Frisia zal blijven leven,
We strijden alleen met haar mee.
De club waarvoor we alles geven,
Dat is onz’ L.A.C.!’

 

Jelle Teitsma